De Litouwse ervaring

Erasmus

Op 7 februari 2021 vertrokken wij, leerling-officieren Allaert, Dugardin, Manoni en Mommen, voor een volledig semester op Erasmus+ naar de Generolo Jono Žemaičio Lietuvos Karo Akademija (Military Academy of Lithuania, MAL) in Vilnius. We hadden ons daarvoor vorig jaar kandidaat gesteld en in eerste instantie waren sommigen onder ons aangesteld om naar Polen of de VS te vertrekken, maar door corona bleef enkel Litouwen over als bestemming. Onze belangrijkste motivatie was om een nieuwe cultuur buiten West-Europa te kunnen ontdekken, zowel op militair als burgerlijk vlak. Niemand van ons was eerder in Litouwen geweest en hoewel het ook een EU-land is, zijn er aanzienlijke sociaal-culturele verschillen. Het blijft een ex-Sovjetland en die sfeer is nog steeds terug te vinden. Daarnaast krijgen we dankzij deze ervaring de mogelijkheid om contacten te leggen met toekomstige collega's van onze NAVO-bondgenoot. Tot slot komt deze reis ook onze Engelse taalvaardigheden ten goede.

Een doordeweekse dag ziet er hier iets anders uit dan op de KMS. We staan om 6u op, onmiddellijk gevolgd door een vroege sportsessie. Daarna bereiden we ons voor op de les. De vlaggengroet is alleen op maandag om 7u45 en de lessen beginnen omstreeks 8u10. Hier werken ze niet met hetzelfde onderwijssysteem als bij ons – t.t.z. een heel semester lang alle vakken door elkaar en pas op het einde van het semester een grote examensessie – maar met een modulesysteem.  Zo hadden we de afgelopen drie weken slechts een cursus, met een examen op de laatste dag. De week erna zijn we begonnen met de volgende module, enzovoort. Je kan je wel inbeelden wat de voor- en nadelen zijn van een dergelijk systeem. Natuurlijk hebben we af en toe een pauze tussen de lessen door en over het algemeen eindigt een lesdag om 16u. Daarna doen de meeste studenten aan sport en na het eten is er nog het dagelijkse avondappel om 21u30.

Gelukkig is ons verblijf hier niet beperkt tot de academische pijer. We kregen de kans om een weekend met de eerstejaars mee op militaire training te gaan naar Kazl Rūda, een oude Sovjet vliegbasis. Daar werkten we een dag met explosieven, waar we onder andere leerden hoe we een explosieve lading moesten ontsteken en berekenden hoeveel springstof we nodig hadden om een boomstam van een bepaalde dikte te doorbreken. De andere dag gingen we naar de schietstand om de verschillende schietposities te herhalen, maar dan met het standaardgeweer 'G36'. We mochten ook voor het eerst vuren met de Carl Gustaf raketwerper, maar alleen met tracer trainingsmunitie. Beide praktijken waren een sublieme, unieke ervaring.

Het lessensysteem met modules is niet het enige opvallende verschil tussen de MAL en de KMS. Litouwse kadetten hebben bijvoorbeeld regelmatiger militaire training; wat ook gemakkelijker te organiseren is dankzij het modulesysteem dat onderbrekingen tijdens het semester toelaat. Bovendien is hun opleiding al verder ontwikkeld dan in België, met de focus op moderne oorlogvoering zoals MOUT, sociale patrouilles en humanitaire opdrachten. Op academisch vlak merken we echter dat het onderwijsniveau anders is dan bij ons. De focus ligt niet op theorie uit het hoofd leren om te kunnen reproduceren, maar eerder praktisch te kunnen toepassen. Hun studie bestaat uit een bacheloropleiding van vier jaar, met de optie om later terug te keren voor een aanvullende master. Ook op disciplinair niveau zijn er veel afwijkingen van onze gewoontes: de studenten dragen het type en de kleur bottines die ze willen, en het kapsel van de mannen is van alle lengtes bovenaan (zolang de zijkanten kortgeschoren zijn). Opstaan wanneer een leidinggevende binnenkomt, is hier wel van toepassing, maar we hebben het nog geen enkele keer gezien sinds wij hier zijn. In het algemeen wordt er minder belang gehecht aan uniformiteit. Tijdens de kampperiodes mogen de studenten bijvoorbeeld hun eigen gevechtsuitrusting gebruiken. Bovendien waren we verbaasd hoe weinig respect veel Litouwse studenten tonen tegenover hun leraren. Wanneer de les begint, staan ze niet op en presenteren ze de klas niet. Veel studenten letten niet op en zitten op hun gsm, zonder het zelfs te proberen verbergen. Het is min of meer dezelfde sfeer als burgeruniversiteiten bij ons. Het meest schokkende verschil voor ons was echter dat de studenten zelf verantwoordelijk zijn voor de wacht. Zowel in de bataljonsblok als aan de poort hebben de studenten dienst in shifts van 24u, zelfs tijdens de lessen. Ze staan steeds onder controle van de officier van wacht. De meeste studenten zijn erg vriendelijk en bereid om te helpen, en ook het personeel doet zoveel mogelijk om ons hier een aangename tijd te bezorgen.

Het is jammer dat Covid de perfecte erasmuservaring in de weg staat. Toen we aankwamen, moesten we eerst 10 dagen in quarantaine, gevolgd door een Covid-test, en over het algemeen kunnen de studenten de school niet verlaten, zelfs niet in het weekend. In ruil daarvoor is de sportinfrastructuur wel beschikbaar. De studenten zijn door de coronasituatie echter heel gedemotiveerd. Ze zijn bijna 24/7 op de academie geweest gedurende zeven maanden, met slechts een korte kerstvakantie.  Gelukkig hadden we onlangs vier vrije dagen om eindelijk de stad te kunnen verkennen en meer te zien dan de muren van de school. Met Pasen kregen we ook enkele dagen vrij.  Na elke korte vrije periode moeten we twee Covid-tests ondergaan en in quarantaine blijven tot de resultaten bekend zijn.

We hopen van harte dat de pandemiesituatie de goede kant op gaat, zodat we de andere delen van Litouwen kunnen verkennen. Tot dan proberen we het beste te maken van ons verblijf in de academie.

Erasmus

Voeg een nieuwe reactie toe